Vlooien bij uw huisdier

Vlooien zijn vervelende parasieten: ze geven jeuk en irritatie, kunnen allergie opwekken maar ook ziekten en parasieten overbrengen zoals de lintworm. Allerlei huisdiersoorten kunnen last hebben van vlooien: we zien ze regelmatig bij katten en hond, maar ook bijvoorbeeld konijnen en knaagdieren kunnen vlooien oplopen. De vlo die in Nederland bij huisdieren wordt aangetroffen is bijna altijd de kattenvlo, ook bij de hond.

Hoe komt mijn dier aan vlooien?

Een besmetting met vlooien ontstaat vaak doordat honden of katten op plekken komen waar vlooien voorkomen. Als uw kat of hond vlooien heeft, kunnen daardoor ook andere huisdieren besmet worden. Maar u kunt ook zelf vlooieneitjes mee naar binnen lopen, bijvoorbeeld als u ergens op bezoek bent geweest waar vlooien waren.

De cyclus van de vlo

Vlooien springen op uw huisdier omdat ze bloed nodig hebben om eitjes te produceren. Als de vlooien bloed hebben gedronken bij uw dier, leggen ze hun eitjes, die vervolgens op de grond vallen. Meestal komen deze binnen twee tot tien dagen uit tot larven.

De larven van de vlo houden niet van licht en kruipen weg op donkere, liefst vochtige plekjes. Ze voeden zich met huidschilfers of met de uitwerpselen van volwassen vlooien. Daarna maken ze een cocon waarin ze zich verpoppen tot volwassen vlo. Het verpoppen kan snel gaan maar kan ook wel een jaar duren, en ook daarna kan de volwassen vlo nog een aantal maanden in de cocon blijven wachten op het juiste moment voor de vlo om tevoorschijn te komen.

Diep in uw tapijt, tussen de kieren van uw houten vloer of tussen het riet en pluche van de honden- of kattenmand kunnen dus zowel larven en poppen als volwassen vlooien in een cocon liggen. Signalen dat het tijd is voor de vlo om toe te slaan, zijn bijvoorbeeld trillingen, lichaamswarmte of geluiden. Dit verklaart waarom u na een vakantie ineens besprongen kunt worden door vlooien, die allemaal tegelijk uit hun cocon komen.

Voorkomen en bestrijden

Wie zijn huisdier alleen kortdurend tegen vlooien behandelt op het moment dat het dier krabt en de vlooien te zien zijn, kan daarom wel bezig blijven. De volwassen vlo is maar 1 stadium in de levenscyclus van de vlo, en als de volwassen vlooien bestreden zijn maar de eitjes, larven en cocons blijven liggen, is het wachten tot de vlooien uit hun cocon komen en uw huisdier weer gebeten wordt. Op dat moment beginnen de volwassen vlooien bovendien meteen weer nieuwe eitjes te leggen en de cirkel begint van voor af aan!

Een doeltreffende vlooienbestrijding duurt dan ook het hele jaar door. Denk niet dat de vlooien alleen actief zijn in de zomer: onze verwarmde huizen zijn ook ’s winters een prima klimaat voor de vlo! Door uw hond of kat doorlopend te behandelen met een vlooiendodend middel, zorgt u ervoor dat een nieuwe vlooienbesmetting geen kans krijgt.

De stappen voor een goede vlooienbestrijding

Heeft uw dier al vlooien, dan kunnen de op het dier aanwezige vlooien gedood worden met een voor uw diersoort geschikt vlooiendodend middel op het dier. Zo beperkt u ook het ontstaan van nieuwe eitjes. Door daarnaast de omgeving goed te stofzuigen verwijdert u zoveel mogelijk vlooien, eitjes en larven. Denk er wel aan om de stofzak van uw stofzuiger na gebruik meteen dicht te binden en weg te gooien! Stofzuigen alleen is niet voldoende, daarna moet u de omgeving behandelen met een middel dat de eitjes en larven doodt. De vlooien in de cocons zijn soms moeilijk te bestrijden, daarom is het belangrijk om te blijven behandelen zodat ook deze worden gedood zodra ze uit hun cocon komen. Er zijn ook middelen die de ontwikkeling van de vlooieneitjes remmen, en als u die regelmatig gebruikt is het op een gegeven moment niet meer nodig de omgeving steeds mee te behandelen. De eitjes komen namelijk niet meer uit.

Als ondersteuning en ter controle is het nuttig om uw hond of kat, en bij verdenking van een vlooienbesmetting ook andere huisdieren, regelmatig te kammen met een vlooienkam. U kunt ook bloedrestjes of ‘vlooienpoepjes’ tegenkomen: kleine donkere korreltjes die, als u ze vochtig maakt, roodbruin afgeven. Was kleedjes regelmatig. Denk eraan dat u bij een vlooienbesmetting alle plaatsen moet behandelen waar uw huisdier geweest is: soms dus het hele huis, de garage of schuur, en in het geval van een hond is ook de auto een vaak vergeten plek waar vlooien, eitjes en larven aanwezig kunnen zijn!

Aandachtspunten bij vlooienbestrijding

Voor een goede bescherming tegen vlooien let u op de volgende punten:

  • Behandel volgens het schema dat in de bijsluiter staat: sla niet over en behandel niet vaker.
  • Behandel hond of kat het hele jaar door: uw hond of (buiten)kat kan immers op plaatsen komen waar hij of zij een nieuwe vlooienbesmetting opdoet. Bij andere dieren die niet op plaatsen komen waar ze opnieuw besmet kunnen worden, kan het bij een vlooienbesmetting afdoende zijn om tijdelijk te behandelen; overleg dat met uw dierenarts.
  • Zorg voor de juiste dosering en breng het middel goed aan. Gebruikt u een spot-on, let dan goed op dat het middel op de huid moet worden aangebracht en niet op de vacht, wrijf het niet in en breng het aan in de nek waar het dier er zelf niet bij kan. Zorg ook dat een ander dier het niet kan aflikken. Combineer nooit twee middelen tegelijk op het dier, bijvoorbeeld een vlooienbandje en een spot-on.
  • Behandel zowel op het dier als in de omgeving.
  • Behandel alle dieren tegelijk. Honden en katten, maar ook bijvoorbeeld konijnen, kunnen allemaal dezelfde soort vlo hebben (meestal de kattenvlo)!
  • Behandel elk dier met zijn eigen middel. Middelen die geschikt zijn om te gebruiken bij honden zijn soms giftig voor katten of konijnen en knaagdieren. Jonge dieren kunnen een ander middel of een andere dosering nodig hebben. En ook kunnen sommige rassen gevoeliger zijn voor bepaalde stoffen. Ga dus goed na of het middel dat u wilt gebruiken, geschikt is voor uw dier, en vraag het bij twijfel altijd na bij uw dierenarts!
  • Houd andere dieren uit de buurt als u de omgeving behandelt, zoals knaagdieren, vogels en vissen, want zij kunnen schade ondervinden van het anti-vlooienmiddel. Zet hen dus tijdelijk in een andere ruimte of zorg ervoor dat u het aquarium of terrarium tijdelijk goed afsluit.

Meer informatie over vlooien bij katten en honden

In de Praktische documenten ‘Vlooienbestrijding bij de hond’ en ‘Vlooienbestrijding bij de kat’ vindt u meer uitgebreide informatie.