Vergiftiging bij huisdieren

Als een huisdier iets eet of drinkt wat niet voor hem bestemd is, is het mogelijk dat het dier daarbij een vergiftiging oploopt. Veel stoffen die wij in huis hebben zijn ongezond voor dieren. Huishoudproducten, planten, medicijnen en andere stoffen zijn al gauw verdacht, maar ook etenswaren die voor de mens geen enkel kwaad kunnen, zijn voor dieren soms gevaarlijk. In dit document wordt een aantal van deze giftige stoffen besproken.

Hoe te handelen bij vergiftiging

Heeft uw dier iets verkeerds gegeten, laat het dan nooit zomaar braken. Bij diverse stoffen zorgt dit juist voor extra beschadiging van de slokdarm. Neem direct contact op met uw dierenarts. Deze kan u vertellen of u zelf al iets kunt doen of dat u zo snel mogelijk naar de praktijk moet komen. Houd indien mogelijk het verpakkingsmiddel van de opgenomen stof of het kaartje van de desbetreffende plant bij de hand zodat u de dierenarts precies kunt vertellen om welke stoffen het gaat. 

Moet u uw dier toch laten braken, gebruik daarvoor dan nooit zout! Hij kan daardoor een zoutvergiftiging krijgen en zelfs overlijden. Uw dierenarts kan uw dier een injectie geven waardoor hij gaat braken.

Giftige voedingsmiddelen

Een aantal voedingsmiddelen die mensen zonder problemen kunnen nuttigen, is voor onze huisdieren ronduit giftig.

Chocolade

Chocolade vormt een gevaar voor uw huisdier. In chocolade zit namelijk theobromine. Deze stof is voor de mens niet giftig maar wel voor dieren als honden, katten, paarden, papegaaien en fretten. Theobromine vergiftiging treedt het vaakst op bij honden doordat zij het gemakkelijkst bij voedsel op tafel kunnen.

De hoeveelheid theobromine die ziekteverschijnselen veroorzaakt verschilt per hond. Hoeveelheden die bij de ene hond tot ernstige verschijnselen leiden, geven bij de andere hond nauwelijks symptomen. Ook verschilt de hoeveelheid theobromine per type chocolade: pure chocolade bevat meer dan melkchocolade, en in witte chocolade zit bijna geen theobromine. Daarom is het altijd belangrijk om contact op te nemen met de dierenarts als uw hond chocolade heeft gegeten. Overigens is er naast chocolade zelf nog een bron van mogelijke cacaovergiftiging: cacaodoppen die in tuinen gebruikt worden bevatten ook theobromine en kunnen vooral voor honden aantrekkelijk zijn om op te eten!

Als een dier een gevaarlijke dosis theobromine heeft binnengekregen treden de eerste symptomen na ongeveer 1 tot 4 uur, soms na 6 tot 24 uur op. Na inname van verpakte chocolade kan het optreden van symptomen zelfs een aantal dagen vertraagd zijn. In eerste instantie bestaan de symptomen uit braken, pijnlijke buik, diarree, mogelijk samen met onrust, hyperactiviteit, versnelde ademhaling en hartslag, veel drinken en veel plassen. In ernstigere gevallen kunnen spiertrillingen en -stijfheid, dronkemansgang, koorts, epileptische aanvallen, hartritmestoornissen en coma optreden. Het dier kan overlijden als gevolg van de hartritmestoornissen of ademhalingsproblemen.

Tegen theobromine bestaat geen antigif, de behandeling bestaat uit het ondersteunen van het lichaam bij het verwerken van de gevaarlijke stoffen en het bestrijden van de symptomen. Verschijnselen kunnen zo’n drie tot vier dagen blijven bestaan omdat het lang duurt voor de giftige stoffen zijn afgebroken. Raadpleeg altijd een dierenarts als u denkt dat uw huisdier chocolade heeft gegeten!

Druiven en rozijnen

Tot op heden is vergiftiging door druiven of rozijnen alleen waargenomen bij honden, en soms worden ook bij herkauwers symptomen gezien. Waarom druiven en rozijnen giftig zijn voor honden is onbekend en ook de gevoeligheid lijkt sterk te variëren tussen honden. Er zijn vermeldingen van een giftige werking vanaf ongeveer 20 gram druiven per kg lichaamsgewicht, bij rozijnen kan dit al vanaf 3 gram per kilo lichaamsgewicht zijn. Ook voedingsmiddelen waarin druiven of rozijnen verwerkt zijn, zoals krentenbrood en rozijnencakes, kunnen dus problemen veroorzaken! Braken en diarree zijn de eerste tekenen van vergiftiging met druiven of rozijnen en dit treedt meestal op in de eerste 6 tot 12 uur na de opname. Andere verschijnselen zijn sloomheid, niet eten, buikpijn, zwakte, uitdroging, veel drinken en rillen. Binnen 24 tot 72 uur na de opname kan acuut nierfalen ontstaan, met een daling van de urineproductie tot gevolg. Wanneer er geen urine meer wordt geproduceerd, zijn de vooruitzichten slecht en wordt meestal gekozen voor euthanasie. Raadpleeg direct uw dierenarts als u vermoedt dat uw hond druiven of rozijnen heeft gegeten.

Allium soorten, zoals uien, knoflook, bieslook en prei

Allium soorten (ui-achtigen) bevatten bepaalde stoffen die uiteindelijk omgezet worden in zogenaamde ‘oxidanten’. Deze oxidanten kunnen de rode bloedcellen beschadigen. Rode bloedcellen hebben wel een beschermingsmechanisme in de vorm van antioxidanten, maar bij honden is de activiteit van dat mechanisme laag en rode bloedcellen van katten zijn zeer gevoelig voor beschadiging door oxidanten. Ook paarden en koeien zijn gevoelig, terwijl schapen, geiten, ratten en muizen beter tegen uien kunnen. De giftige stoffen in Allium soorten kunnen niet onschadelijk worden gemaakt door verhitting of drogen, ook gedroogde of gebakken uitjes zijn dus gevaarlijk! Knoflook is voor honden wat minder gevaarlijk dan ui. Bij paarden kan knoflook symptomen geven bij een dagelijks inname vanaf 0,2 gram per kilo lichaamsgewicht.

Als de rode bloedcellen eenmaal beschadigd zijn, krijgt het dier bloedarmoede en neemt het zuurstoftransporterend vermogen van het bloed af. Honden en katten zijn erg gevoelig voor uienvergiftiging: bij katten kan consumptie van 5 g uien per kg lichaamsgewicht leiden tot verschijnselen, bij honden is dit 15 tot 30 g per kg lichaamsgewicht. De verschijnselen van een Allium vergiftiging beginnen vaak met braken en diarree. Symptomen van beschadiging van rode bloedcellen ontstaan meestal pas enkele dagen na opname en zijn sloomheid, minder uithoudingsvermogen, bleke tot bleekgele slijmvliezen, rode tot roodbruine urine, een hoge hartfrequentie en een hoge ademhalingsfrequentie zowel in rust als bij inspanning. Voor Allium vergiftigingen bestaat geen specifieke behandeling: in sommige gevallen is een bloedtransfusie nodig. Raadpleeg altijd uw dierenarts.

Macadamianoten

Macadamianoten worden gegeten als snack en soms in koekjes en snoep. Bij honden worden na het eten van deze noten nog wel eens reacties gezien, meestal binnen 12 uur. De symptomen zijn zwakte (met name van de achterpoten), sloomheid, braken, een dronkemansgang en een hoge lichaamstemperatuur. De precieze oorzaak voor het ontstaan van vergiftigingsverschijnselen door het eten van macadamianoten bij honden is onbekend. Bij (het vermoeden van) een vergiftiging is het verstandig direct uw dierenarts te bellen. In de meeste gevallen verdwijnen de verschijnselen vanzelf binnen 24 tot 48 uur en is er sprake van een volledig herstel.

Avocado

Voor heel veel zoogdieren en vogels is avocado giftig. Het eten van avocado kan leiden tot celdood in de hartspier. Zeer waarschijnlijk is de stof persine het giftige bestanddeel in avocado’s. Onder andere runderen, geiten, schapen, paarden, muizen, konijnen, cavia’s, ratten, honden, katten, grasparkieten, papegaaien, kanaries, kaketoes, struisvogels, kippen, kalkoenen en vissen zijn gevoelig voor avocado. Volière- en kooivogels lijken gevoeliger te zijn, terwijl kippen en kalkoenen er beter tegen kunnen.

Bij zogende dieren ontstaat melkklierontsteking binnen 24 uur na opname en dat gaat gepaard met een grote daling in melkproductie. Bij niet-melkgevende zoogdieren of bij hogere doseringen kan binnen 24 tot 48 uur hartfalen ontstaan, gekenmerkt door sloomheid, benauwdheid, onderhuidse vochtophoping, blauwverkleuring van de slijmvliezen, hoesten, verminderd uithoudingsvermogen en de dood. Bij paarden kan er vocht ophopen onder de kophuid, in de tong (dikke tong) en in het borstgebied. Vogels worden sloom en benauwd (ademen met open snavel) en stoppen met eten. Vocht hoopt zich op in het hals- en borstgebied en uiteindelijk kunnen ze sterven. Bij alle dieren kan zich ook vocht ophopen in de borst- en buikholte en in het hartzakje. Raadpleeg uw dierenarts als u vermoedt dat uw dier avocado heeft gegeten.

Xylitol

Xylitol wordt gebruikt als kunstmatige zoetstof in snoep, kauwgom, tandpasta en sommige producten voor diabetici. Bij honden heeft xylitol een andere werking dan bij de mens. Het zorgt ervoor dat er veel insuline in de bloedbaan wordt vrijgegeven, waardoor de hoeveelheid suiker in het bloed flink daalt. Al vanaf een half uur na inname geeft dit symptomen als braken, zwakte en slapheid, toevallen, leverfalen en coma, waarna de hond kan overlijden. Als men de inname direct opmerkt, kan het zin hebben de hond te laten braken, maar alleen als er nog geen symptomen zijn. Door regelmatig kleine maaltijden te geven of een suikersupplement kunnen symptomen bij een kleine inname soms voorkomen worden, doordat op die manier de afname van de hoeveelheid suiker in het bloed wordt tegengegaan. Bel altijd de dierenarts als u denkt dat uw hond xylitol binnen heeft gekregen, het kan nodig zijn dat de hond een infuus krijgt.

Medicijnen en bestrijdingsmiddelen

Voor mensen bedoelde medicijnen kunnen voor dieren erg gevaarlijk zijn. Het is daarom van groot belang om nooit zomaar uw eigen medicijnen of pijnstillers aan uw dier te geven! Zorg ervoor dat medicijnen veilig opgeborgen zijn zodat uw huisdier er niet bij kan. Pas op met medicijnen in uw handtas.

Paracetamol

Paracetamol is vooral voor katten erg giftig, al vanaf hele kleine hoeveelheden (20 mg per kilo lichaamsgewicht) treden symptomen op. Een klein stukje van een tabletje kan al problemen geven: tabletten bevatten meestal 500 mg, dus bij een kat van 4-5 kilo gaat het al mis bij minder dan een kwart tabletje! Bij honden is dit giftig vanaf zo’n 100 tot 150 mg/kg lichaamsgewicht. Bij katten zwellen kop en poten op, de slijmvliezen worden donker en de kat raakt benauwd. Dit treedt al kort na inname op. Bij honden ziet men braken, diarree en sufheid en kan leverfalen optreden, meestal na een dag of twee. Bel onmiddellijk uw dierenarts als uw hond of kat paracetamol binnen heeft gekregen, want alleen bij snelle behandeling is er kans op herstel. Er bestaat een antigif dat gebruikt kan worden bij paracetamolvergiftiging, namelijk acetylcysteïne. Deze stof moet tot twee dagen lang regelmatig gegeven worden.

Ivermectine

Ivermectine is een stof die gebruikt wordt bij de bestrijding van wormen, mijten en luizen bij runderen en schapen die geen melk geven, bij varkens en paarden, en bij katten voor bestrijding van oorschurft. Er zijn echter ook dieren die hier overgevoelig voor zijn, vooral een aantal hondenrassen. Zij missen een enzym waardoor de stof in de hersenen kan ophopen. Dit is gevonden bij de Schotse Collie, Bearded Collie, Border Collie, Shelty, Bobtail, Australian Shepherd, Australian Cattledog, langharige windhondenrassen, de Witte Herder en de Duitse Herder. Ook jonge dieren zijn extra gevoelig.

De symptomen zijn onder andere speekselen, braken, desoriëntatie, zwakte, schrikkerigheid, blindheid, grote pupillen en coma. Dit kan al binnen zes uur optreden. Ivermectine is niet meer geregistreerd als middel voor honden, maar de hond kan deze stof ook binnenkrijgen door het eten van paardenmest van paarden die behandeld zijn tegen parasieten, of door bijvoorbeeld het oplikken van gemorst ontwormingsmiddel of het aflikken van een tube. Dit kan bij de gevoelige rassen vergiftigingsverschijnselen geven.

Permethrin

Permethrin wordt gebruikt als bestrijdingsmiddel tegen insecten zoals vliegen en vlooien. Het zit in sommige anti-vlooienmiddelen. De gevoeligheid voor deze stof verschilt sterk tussen diersoorten. Gebruik NOOIT een spot-on tegen vlooien voor de hond bij een kat: katten zijn veel gevoeliger voor deze stof en hebben een heel veel lagere dosering nodig! Verschijnselen van vergiftiging zijn hersenverschijnselen zoals onrust, speekselen, braken, trillen, toevallen en het dier kan overlijden. Neem dus zo snel mogelijk contact op met uw dierenarts als u dit vermoedt, als u per ongeluk een te hoge dosering heeft gebruikt of als u een spot-on voor de hond bij uw kat hebt gebruikt. Was het dier dan bovendien zo snel mogelijk met lauwwarm water en afwasmiddel om verdere opname te voorkomen. Ook voor vissen is deze stof sterk giftig.

Muizen- en rattengif

In gif tegen muizen en ratten zijn zogenaamde coumarinederivaten verwerkt. Deze zijn erg giftig doordat ze de bloedstolling tegengaan. Bovendien werken ze lang. Vooral bij honden worden vergiftigingen gezien. Uiteraard is deze stof ook voor andere knaagdieren dodelijk. Het zorgt voor inwendige bloedingen.

De dosering waarbij symptomen verschijnen, verschilt afhankelijk van het exacte middel. Neem daarom altijd contact op met uw dierenarts, behandeling kan nodig zijn. Als antigif moet vitamine K1 worden gegeven, meestal tot vier weken lang.

Soms zijn andere stoffen verwerkt in rattengif, zoals strychnine. Ook deze zijn vaak gevaarlijk voor uw huisdier. Strychnine is in Nederland niet meer geregistreerd als rattengif en mag dus eigenlijk niet gebruikt worden. Strychnine veroorzaakt nervositeit, stijfheid, toevallen met kramp, extreme stijfheid van de poten, een stijging van de lichaamstemperatuur en kan uiteindelijk tot de dood leiden.

Slakkengif

In slakkengif zit meestal metaldehyde verwerkt. Dit is erg giftig voor huisdieren, vooral voor honden, maar ook voor bijvoorbeeld katten en paarden. Verschijnselen bestaan uit speekselen, onrust, braken, ongecoördineerd bewegen, trillen, nystagmus (snelle bewegingen van de ogen), toevallen en een sterk verhoogde temperatuur. Neem onmiddellijk contact op met uw dierenarts als u denkt dat uw dier slakkengif binnen heeft gekregen. Alleen bij snel behandelen kan het dier weer herstellen. De behandeling moet minstens vier dagen worden voortgezet.

Overige giftige stoffen

Behalve bovengenoemde stoffen is er nog een groot aantal andere stoffen die giftig kunnen zijn voor huisdieren. Hieronder worden enkele voorbeelden genoemd.

Teflon (anti-aanbaklaag)

Koekenpannen, gourmetstellen, toastapparaten en tafelgrills zijn meestal voorzien van een anti-aanbaklaag (teflon). Deze teflonlaag bevat echter polytetrafluorethyleen, een stof die bij vogels ernstige acute benauwdheid kan veroorzaken als de anti-aanbaklaag oververhit raakt. De vogel kan zelfs acuut sterven. Gebruik deze apparaten dus niet in het bijzijn van uw vogel: zet de vogel even in een andere ruimte als u apparatuur met een anti-aanbaklaag gebruikt en laat de ruimte daarna doorluchten. Als uw vogel onverhoopt toch teflondampen inademt en benauwd wordt, ga dan onmiddellijk naar de dierenarts: de vogels moet zo snel mogelijk extra zuurstof toegediend krijgen.

Antivries en koelvloeistof (ethyleenglycol)

Vergiftigingen door antivries of koelvloeistof komen voor. Alle dieren zijn gevoelig voor ethyleenglycol vergiftiging, maar honden (en soms katten) zijn het vaakst slachtoffer. Antivries heeft een voor honden onweerstaanbare zoete geur en smaak. Katten kunnen antivries opnemen wanneer ze door gemorst antivries heenlopen en vervolgens de poten gaan schoonlikken. 

Ethyleenglycol wordt in het maag-darmkanaal snel opgenomen. In de lever wordt het omgezet in een oxalaat. In de nieren wordt dit geconcentreerd, waardoor calciumoxalaatkristallen ontstaan, die er neerslaan en de nieren beschadigen. Dit leidt meestal tot een levensgevaarlijke daling van de urineproductie. Verschijnselen, zoals braken, veel drinken, veel plassen, sloom en een dronkemansgang, treden bijna onmiddellijk na opname op.

Omdat er bij een ethyleenglycolvergiftiging geen tijd te verliezen is, moet u direct contact opnemen met uw dierenarts. Het is namelijk zaak zo snel mogelijk restanten ethyleenglycol uit de maag te verwijderen en met infusen te beginnen. Eventueel kan uw dierenarts u aan de telefoon vragen om uw dier thuis alvast alcohol (jenever of wodka) te geven, waarna u met spoed naar de kliniek vertrekt. Dit uiteraard alleen als uw dier volledig bij kennis is en goed kan slikken. De bedoeling hiervan is dat de lever de sterke drank gaat verwerken in plaats van de ethyleenglycol om te zetten in het schadelijke oxalaat. Pas deze methode alleen toe als uw dierenarts dit adviseert, nooit op eigen initiatief!

Zout en zout water

Zout water kan tot zoutvergiftiging leiden, bijvoorbeeld bij honden die veel zeewater drinken. Symptomen ontstaan vaak snel na inname (30-60 min.) en bestaan uit braken, diarree, een ‘dronken’ gang, koorts, gevolgd door toevallen en coma. De vergiftiging kan behandeld worden met behulp van een infuus. Voorkom dat uw hond veel zeewater drinkt door drinkwater mee te nemen en hem daar regelmatig wat van te geven als u naar het strand gaat.

NB: soms wordt bij vergiftigingen aangeraden een hond te laten braken. Doe dit nooit door hem zout te laten eten! Ook dan kan een zoutvergiftiging ontstaan.

Koper

Koper is een stof die in kleine hoeveelheden nodig is voor het lichaam maar in grotere hoeveelheden schadelijk is. Schapen zijn veel gevoeliger voor koper dan de meeste andere dieren. Zij hebben daarom voeding nodig met weinig koper (minder dan 25 mg/kg). Als voeding die bestemd is voor andere diersoorten aan schapen wordt gevoerd, kunnen zij een kopervergiftiging oplopen doordat ze koper in hun lichaam ophopen. Het wordt opgeslagen in de lever, maar bij stress (bijvoorbeeld scheren, transport, extreem weer) komt het vrij en dan ontstaat vergiftiging. Het tast de rode bloedcellen aan waardoor minder zuurstof kan worden vervoerd en de bloedcellen worden afgebroken, wat uiteindelijk ook leidt tot nierfalen en overlijden. Symptomen zijn geelzucht, rode of bruine urine, niet eten, zwakte en veel liggen. Behalve bij schapen kan ook bij de Bedlington Terriër koperstapeling voorkomen.

Blauwalg (cyanobacteriën)

In de zomer wordt in zowel zoet als zout water soms blauwalg gezien. Dit vormt een dikke blauw-groene laag op het water. De bacteriën die dit veroorzaken produceren giftige stoffen die vooral het zenuwstelsel of de lever aantasten. Allerlei dieren kunnen hierdoor vergiftigd worden, zoals honden en katten maar ook vogels, vissen en vee. Drinken van dit water of erin zwemmen kan bij leververgiftiging verschijnselen geven als braken, diarree, zwakte, shock, geelzucht en overlijden. Zenuwgiffen veroorzaken trillingen, sloomheid, toevallen, moeilijk ademen, blauw kleurende slijmvliezen en uiteindelijk kan het dier dood gaan. Laat uw huisdier dan ook niet zwemmen in of drinken uit water met algen. Een handige website om de kwaliteit van zwemwater te controleren is www.zwemwater.nl.

Giftige planten

Onder zowel buitenplanten als kamerplanten zijn veel soorten die giftig kunnen zijn voor uw huisdier. Een aantal voorbeelden van planten die giftig zijn, of de naam hebben giftig te zijn, wordt hier genoemd. Houd planten zoveel mogelijk buiten het bereik van uw huisdieren. Heeft uw dier van een plant gegeten en weet u niet of deze giftig is, neem dan altijd contact op met uw dierenarts.

Let op: onderstaande opsommingen zijn niet uitputtend; er zijn nog meer giftige planten! Raadpleeg bij twijfel een dierenarts.

Kerstplanten: Kerstster, hulst, maretak en kerstroos

De kerstster (Euphorbia pulcherrima) werd in het verleden bestempeld als erg giftig, maar in praktijk valt dat mee. Dieren krijgen er meestal enkel maagdarmklachten (braken, niet willen eten, sloom) van, die vanzelf over gaan. Heeft uw dier er van gegeten dan kan het toch verstandig zijn de dierenarts te raadplegen: soms kan medicatie verlichting bieden.

Hulst (Ilex aquifolium) bevat saponinen, die maagdarmklachten geven. Dieren moeten voor de ontwikkeling van serieuze verschijnselen een grote hoeveelheid van de plant opeten. De bessen bevatten de grootste hoeveelheid van deze stoffen. Symptomen zijn speekselen, braken, niet eten en diarree. Daarnaast kan het dier met de kop schudden en smakken. Om irritatie van de slijmvliezen in de bek te beperken, kunt u de bek spoelen met water. Over het algemeen gaan de verschijnselen binnen een dag vanzelf over. Het kan verstandig zijn de dierenarts te raadplegen.

Maretak (mistletoe, Viscum album) is minder onschuldig. Het kan braken, diarree, grote pupillen, snel zwaar ademen, shock en in sommige gevallen dood veroorzaken. Houd dit kerstplantje dus liever buiten de deur als u huisdieren heeft.

De kerstroos (Helleborus niger) is flink giftig en bevat natuurlijke hartglycosiden die het hart krachtiger laten kloppen. Inname kan in eerste instantie darmklachten geven zoals braken en diarree, maar later ook hersenverschijnselen zoals sufheid en verlamming en ook hartritmestoornissen.

Lelies

Lelies zijn voor katten erg giftig. Een bekend voorbeeld is de tijgerlelie (Lilium tigrinum). Een enkel blaadje kan soms al nierfalen veroorzaken. Symptomen zijn braken, speekselen, niet eten, sloomheid, veel plassen en uiteindelijk het uitvallen van de nierfunctie. Denkt u dat uw kat van een lelie heeft gegeten, neem dan altijd contact op met uw dierenarts.

Bollen

Giftige bolbloemen die vaak in huis worden gehaald zijn narcis, krokus, Amaryllis en tulp. Van deze bolgewassen zijn zowel de plant als vooral ook de bol giftig. Zorg er voor dat honden en katten de bollen niet kunnen opgraven en houd de dieren uit de buurt als u gaat planten. Ook de hyacint en het sneeuwklokje zijn giftig, maar in wat mindere mate.

Kamerplanten

Diverse kamerplanten zijn in mindere of meerdere mate giftig. Bekende, giftige kamerplanten zijn onder andere

Aloe vera
Azalea
Calla (Zantedeschia)
Cyclamen (cyclame)
Dieffenbachia
Dracaena soorten, zoals Dracaena marginata
Ficus
Monstera (gatenplant)
Philodendron
Sansevieria (o.a. vrouwentong)
Schefflera (vingersboom)
Solanum pseudocapsicum (Oranjeboompje, Appeltje der liefde)

Buitenplanten

Giftige planten in de tuin of elders buiten zijn onder andere

Aconitum (monnikskap)
Arum maculatum (gevlekte aronskelk)
Atropa belladonna (wolfskers)
Bryonia alba (witte heggerank)
Buxus
Chamaecyparis (geslacht met cypres-achtige soorten)
Cicuta virosa (waterscheerling)
Colchicum autumnale (herfsttijlloos)
Conium maculatum (gevlekte scheerling)
Convallaria majalis (lelietje-van-dalen)
Daphne mezereum (peperboompje)
Datura suaveolens /Brugmansia suaveolens (doornappel / engelentrompet)
Delphinium (ridderspoor)
Digitalis (vingerhoedskruid)
Equisetum palustre (paardestaart)
Euphorbia soorten (wolfsmelkachtigen)
Fagus sylvatica (beuk)(voor paarden giftig)
Hemerocallis (daglelie) (voor katten giftig)
Hyoscyamus niger (bilzekruid)
Juniperus (jeneverbes)
Laburnum anagyroides (gouden regen)
Lathyrus (pronkerwt)
Linum usitatissimum (lijnzaad)
Lupinus (lupine)
Nerium oleander (oleander)
Nicotiana tabacum (tabaksplant)
Prunus laurocerasus (laurierkers)
Rhodondendron
Robinia (valse acacia)
Ricinus communis (wonderboom)
Scopolia carniolica (klokbilzenkruid)
Senecio jacobea (jacobskruiskruid) en andere Senecio soorten
Solanum (nachtschade-soorten)(o.a. zwarte nachtschade, bitterzoet, aardappelplant)
Taxus
Thuja (levensboom)
Viburnum
Wisteria (blauwe regen)

Paddenstoelen

Giftige paddenstoelen zijn onder andere:

Amanita muscaria (vliegenzwam)
Amanita pantherina (panteramaniet)
Amanita phalloides (groene knolamaniet)
Amanita virosa (witte knolamaniet)
Boletus satanas (satansboleet)
Cortinarius orellanus (giftige gordijnzwam)
Entoloma sinuatum (giftige satijnzwam)
Galerina marginata (bundelmosklokje)
Gyromitra esculenta (voorjaarskluifzwam)
Inocybe erubescens (giftige vezelkop)

Vergiftiging door een adderbeet

Het kan voorkomen dat een hond wordt gebeten door een adder tijdens het wandelen in heidegebied en op zandgronden. Een adderbeet is giftig en moet snel behandeld worden. Een zwelling bij de snuit kan zorgen voor problemen met ademhalen en het gif kan trillingen veroorzaken, de hartslag beïnvloeden en tot shock en coma lijden. Ook andere symptomen zoals kwijlen, braken en diarree komen voor.

Let goed op hoe de slang er uit ziet zodat u hem kunt beschrijven. Een adder is te herkennen aan een donkere zig-zag streep op zijn rug. Zoek de plek op het lichaam waar uw hond gebeten is. Probeer niet de wond uit te zuigen of open te snijden en bindt een poot niet af. Wel kunt u een drukverband aanleggen (niet te strak, u moet de slagaders nog voelen kloppen) en de poot spalken zodat hij niet kan bewegen. Het verband mag niet te lang blijven zitten. Koel de poot niet. Neem direct contact op met een dierenarts zodat deze weet dat u komt, breng uw hond er zo snel mogelijk heen en zorg er voor dat de hond zo min mogelijk beweegt. De hond moet vervolgens een antiserum (tegengif) krijgen.

Meer informatie

Uiteraard bestaan er nog veel meer gevaarlijke stoffen voor huisdieren. Denk aan zaken als schoonmaakmiddelen, autoproducten zoals olie en diverse vloeistoffen, doe-het-zelf producten zoals verf en terpentine, cosmetische producten en dergelijke. Heeft uw dier iets binnengekregen waarvan u niet weet of het giftig is, bel dan uw dierenarts. Deze kan informatie opvragen bij het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum van het UMC Utrecht. Voor vergiftigingsgevaren speciaal voor katten kunt u ook kijken bij  het Praktisch document 'Giftige stoffen voor de kat in en rondom huis’.