Sluiten

Alleen thuis blijven

Honden zijn groepsdieren en zijn van nature graag bij hun groepsgenoten. Onze huishonden moeten echter regelmatig alleen thuis blijven. Dit is op zich geen probleem, maar het moet de hond wel eerst aangeleerd worden. Hij moet het vertrouwen krijgen dat u altijd weer terug zult komen. Besteedt u hier te weinig aandacht aan, dan heeft u kans dat uw hond gaat blaffen, het huis sloopt of onzindelijk wordt als u hem te lang alleen laat.

Heeft u een pup, begin dan op jonge leeftijd al met oefenen. Heeft u een nieuwe volwassen hond, ook dan is het verstandig om voorzichtig te bekijken of de hond wel of niet alleen kan zijn. Ook al kon de hond in zijn vorige huis wel goed alleen thuis zijn, alleen blijven in een nieuwe omgeving brengt altijd meer stress met zich mee. De hond zal eerst bij u moeten wennen dus bouw het alleen blijven altijd langzaam op.

Individuele en rasverschillen

Er is veel verschil in hoe vervelend honden het vinden om alleen te moeten blijven. Dit kan een eigenschap van het ras van uw hond zijn: gezelschapshonden vinden het vaak erger om gescheiden te zijn van hun baas dan bijvoorbeeld veehoeders, die gefokt zijn om zelfstandig te werken (zie ook het Praktisch document 'Rasgroepen'). Ook binnen rassen zijn er verschillen. Honden die uit een asiel komen zijn speciaal gevoelig: zij hebben een tijd geen of slechts een zwakke band gehad met een persoon en vormen bij plaatsing snel een sterke band. Zij zijn daardoor extra gevoelig voor het (tijdelijk) verbreken daarvan.

Kijk dus altijd naar uw hond en hoe deze reageert en stem daar de training op af. Bij de ene hond zult u veel sneller door de stappen kunnen gaan dan bij de andere. De hierna volgende opbouw geldt voor honden die nog niet geleerd hebben om alleen te blijven, zoals pups.

Opbouwen

Bij het leren alleen zijn is het heel belangrijk dat u de oefening langzaam opbouwt. Het is namelijk de bedoeling dat de hond het vertrouwen krijgt én houdt dat u altijd terugkomt en dat het niet nodig is om nerveus te worden. Laat u de hond in het begin te lang alleen, dan zal hij zich onrustig gaan voelen en kan stress zich gaan opbouwen. Dat vervelende gevoel dat hij dan heeft, zal hij gaan koppelen aan het alleen zijn. Het gevolg is dat hij voortaan steeds als hij alleen moet blijven, ook al is het maar even, dat gevoel weer krijgt. Hij is het vertrouwen kwijt dat u snel weer terugkomt. Dit moet u voorkomen omdat het erg moeilijk is om dat vertrouwen weer terug te krijgen, u moet dan helemaal opnieuw beginnen met oefenen! Overhaast het niet, laat de hond het tempo bepalen.

Het juiste moment

Begin niet met oefenen om alleen te blijven op momenten dat uw hond vol energie zit. Kies eerder de momenten uit dat hij moe is van het wandelen of spelen. Hij zal dan veel sneller rustig blijven liggen op zijn eigen plek.

Zelfstandig maken

Een eerste voorbereiding voor het alleen thuis blijven is om ervoor te zorgen dat uw hond zelfstandig is. Honden die constant achter hun eigenaar aanlopen in huis, zijn er zo aan gewend dat de baas altijd in de buurt is dat het vaak extra moeilijk is als deze even weg moet. Leer de hond dus om ook terwijl u thuis bezig bent, rustig in de kamer of op zijn eigen plek te blijven liggen. Dit oefent u eerst terwijl u in dezelfde kamer bent, daarna kunt u ook even de kamer verlaten. Geef hem een kluifje of speeltje zodat hij bezig is terwijl u kort de kamer verlaat en kom terug voor hij daarmee klaar is.

Als dit goed gaat, dan kunt u voorzichtig de tijd dat u de kamer uit bent wat opbouwen. Zorg er daarbij voor dat u de tijd niet alleen maar langer maakt maar kom tussendoor ook eens snel terug, maar geef daarbij geen aandacht aan de hond.

Let op: misschien slaapt uw hond beneden in de huiskamer en gaat dat prima. Dat betekent echter niet dat hij overdag ook zo lang alleen kan blijven! Het naar bed gaan is voor de hond een hele duidelijke context en veel honden hebben snel in de gaten dat u niet echt weg bent. Bovendien zijn ze dan moe en al snel wennen ze eraan dat dit een dagelijks terugkerend ritueel is. Het is heel anders voor hem als u overdag weg gaat.

Uit huis

Als u de hond rustig een tijdje alleen kunt laten terwijl u elders in huis bent zonder dat hij zich daar druk om maakt, kunt u beginnen met oefeningen waarbij u ook echt het huis verlaat. Bouw ook dit voorzichtig op: eerst doet u alleen de voordeur open en weer dicht, later stapt u heel even naar buiten. Maak de tijd dat u weg bent steeds een paar tellen langer. Kunt u eenmaal een minuut wegblijven dan kunt u iets grotere stappen gaan nemen.

Geef een ‘zo terug’ teken

Het kan helpen als u op het moment dat u weggaat een vaste, korte zin zegt, bijvoorbeeld: ‘tot straks’. De hond leert dan tijdens de oefening dat als u dat zegt, u weliswaar even weg bent maar ook dat u op tijd weer terug bent. Neem echter niet uitgebreid afscheid door bijvoorbeeld de hond te omhelzen: het contrast met het daarna volgende alleen zijn wordt dan immers vergroot.

Twee belangrijke regels

Tijdens de hele training zijn er twee belangrijke dingen om op te letten:

  1. Kom op tijd terug en maak de tijd dat de hond alleen blijft niet langer dan hij aankan. Dat betekent dat u niet ineens een uur kunt gaan winkelen als uw hond pas tien minuten alleen was gebleven in de training. De kans is dan groot dat hij alsnog bang wordt en dan moet u weer helemaal van voor af aan beginnen bij een paar tellen alleen. Regel dus een oppas!
  2. Bent u toch te lang weggebleven of lukt het even niet en is de hond gaan blaffen, janken of bijvoorbeeld aan de deur aan het krabben, dan mag u op dat moment niet binnenkomen. De hond zou dan namelijk leren dat zijn gedrag succes heeft en voortaan steeds gaan blaffen of krabben als hij wil dat u terugkomt. Wacht tot hij stopt. Eventueel kunt u een geluid maken wat hij niet verwacht, en waarvan hij niet weet dat u het bent, om zijn gedrag te doorbreken (maar niet iets waar hij van schrikt, want dat maakt het alleen zijn nóg vervelender!). Klap bijvoorbeeld in uw handen. Pas als hij even rustig en stil is, gaat u naar binnen.

Straf de hond nooit voor zijn gedrag. Hij is nerveus, en als u dit gaat straffen wordt dat alleen maar erger.

Hoe weet u of uw hond het vervelend vindt als u weg bent?

Honden die bang zijn om alleen te blijven, zullen vaak blaffen, piepen, plassen of slopen. Maar soms is het geblaf al gestopt omdat de hond uw auto de straat in hoort rijden en denkt u dat de hond er geen problemen mee heeft, tot u van de buren hoort dat hij tekeer is gegaan. Hoe weet u nu of het goed gaat tijdens het oefenen?

  • U kunt een cassetterecorder, voicerecorder of filmcamera laten lopen als u oefent. Zo zult u het horen als hij blaft of zachtjes piept.
  • U kunt hem iets lekkers geven en kijken of hij het heeft opgegeten als u terugkomt. Een hond die bang is, zal meestal niet eten. 
  • Als u een camera heeft, zet deze dan eens aan en neem het gedrag van de hond op terwijl u weg bent. Gaat hij rustig liggen? Of ijsbeert hij heen en weer, al hijgend? Hijgen, steeds van positie wisselen (staan, liggen, zitten), niet eten, krabben aan deuren of vloer, slopen, plassen, piepen, janken en blaffen zijn tekenen dat uw hond het vervelend vindt om alleen te zijn. Let bij het slopen wel op: er zijn ook honden die slopen terwijl ze ontspannen zijn en gebruik maken van de afwezigheid van de baas om dingen te doen die anders niet mogen. Om deze vorm van slopen te onderscheiden van stress-gerelateerd slopen is het van belang met een camera het gedrag tijdens afwezigheid te filmen, om te zien of bovengenoemde tekenen van stress en angst aanwezig zijn.

Heeft u problemen met het aanleren van het alleen blijven of heeft u een hond die al heeft geleerd dat het vervelend is als de baas weggaat, roep dan de hulp in van een hondengedragstherapeut.

Oorzaken van niet alleen thuis kunnen blijven bij volwassen honden

Soms kunnen honden die al volwassen zijn niet goed tegen alleen thuis zijn. Dit kan verschillende oorzaken hebben, bijvoorbeeld:

  • Het is de hond nooit goed aangeleerd om alleen te blijven.
  • De hond heeft het wel geleerd en het ging goed, maar daarna hoefde hij een hele tijd nooit alleen thuis te blijven. Toen dit wel weer nodig was, is het niet opnieuw opgebouwd (denk aan situaties na vakanties of na ziekte of werkloosheid van de baas).
  • De hond moet te lang alleen blijven en gaat slopen uit verveling.
  • De hond heeft een te sterke en onzekere band met de eigenaar.
  • De hond heeft iets engs of vervelends meegemaakt toen hij alleen was (bijvoorbeeld onweer).
  • Er is een plotselinge verandering van omstandigheden, bijvoorbeeld er is iemand uit het huishouden weggegaan door scheiding, uit huis gaan van kinderen of door overlijden. Of de hond is herplaatst, of u bent verhuisd.
  • Fysieke aandoeningen kunnen effect hebben op het alleen blijven, denk aan blaasontsteking waardoor de hond ineens onzindelijk lijkt, maar ook andere ziektes hebben effect op hoe de hond zich voelt.
  • Oudere honden kunnen ineens problemen gaan krijgen met het alleen blijven, doordat er veranderingen in de hersenen plaatsvinden (zoals dementie).
  • Sommige honden kunnen wel alleen blijven, maar willen het niet. Het is in dat geval dus geen angst.
  • De hond blaft niet uit angst maar omdat hij erg waaks is en steeds voorbijgangers ziet of hoort.

Honden die angst-gerelateerd gedrag vertonen tijdens het alleen zijn, volgen vrijwel altijd de baas in huis, waar deze ook gaat. Omgekeerd is het niet zo, dat alle honden die de baas in huis volgen, dus ook slecht tegen alleen zijn kunnen.

Een hondengedragstherapeut kan u helpen de oorzaak te vinden en een trainingsschema op te stellen om het probleem aan te pakken.