Sluiten

Overzicht erfelijke aandoeningen bij paarden

Bij paarden komen erfelijke aandoeningen voor. In deze lijst vindt u van diverse erfelijke aandoeningen de naam en een korte omschrijving. De lijst is niet volledig maar geeft een indruk van wat voor erfelijke afwijkingen er bij paarden bekend zijn. Meer informatie en uitleg over erfelijke aandoeningen en gebruikte termen vindt u in de Praktische documenten ‘Inleiding erfelijke aandoeningen’ en ‘Meer over erfelijkheid’.

Brachygnatia

Er is sprake van een overbeet of een onderbeet. Hierdoor slijten de tanden niet goed en kan het dier slecht eten. In een aantal gevallen is ingrijpen mogelijk, bijvoorbeeld met een beugel en door de tanden regelmatig bij te vijlen. In sommige gevallen, als een paard nauwelijks of helemaal niet zelfstandig kan eten, is euthanasie noodzakelijk.

Cerebellaire ataxie

Het achterste deel van de kleine hersenen is afwijkend, waardoor de bewegingscoördinatie is verstoord. Cerebellaire ataxie komt incidenteel voor bij enkele rassen, waaronder het Arabische volbloed. Wanneer een veulen met deze afwijking geboren wordt, is dit vaak al kort na de geboorte te zien. Omdat het risico op ongevallen bij deze dieren groter is, wordt in het belang van het dier vaak voor euthanasie gekozen.

Cryptorchidie

Hierbij zijn één of beide testikels niet ingedaald, deze bevinden zich dan nog in het lieskanaal of in de buik. Deze paarden worden ook wel klophengsten genoemd. Het dier heeft hier zelf geen last van, maar kan wel verminderd vruchtbaar zijn. Omdat deze afwijking erfelijk is, moeten deze hengsten niet gebruikt worden voor de fokkerij.

Dwerggroei

Bij dwerggroei groeit een paard niet op de normale manier. Deze dwergpaarden kunnen proportioneel of disproportioneel zijn. Wanneer het uit verhouding is, ziet men vaak een afwijkende botstructuur, met zichtbaar vergroeiingen in de benen. Andere symptomen zijn een te groot hoofd of waterhoofd, een verkorte onderkaak (overbeet), hangende oren en een afwijkende vacht. Dwerggroei komt onder andere bij Friese Paarden en bij Amerikaanse Minipaarden voor. Dwerggroei is niet te genezen. Een paard met dwerggroei zal over het algemeen specifieke zorg nodig hebben, bijvoorbeeld omdat het paard veel moeite heeft met eten. Vaak zal in het belang van het dier gekozen worden voor euthanasie.

Hereditary Equine Regional Dermal Asthenia (HERDA)

HERDA is een erfelijke huidaandoening die met name voorkomt in de Amerikaanse Quarter Horse. Hierbij laat de buitenste huidlaag los van de onderliggende huidlagen. De huid kan snel scheuren, maar er kunnen ook blaren ontstaan, wat weer in littekens resulteert. Er is geen genezing mogelijk en paarden met deze aandoening zijn niet geschikt als rijpaard. Er bestaat een DNA test voor HERDA.

Hernia inguinalis en scrotalis

Een liesbreuk of een zakbreuk. In tegenstelling tot een hernia umbilicalis (navelbreuk) moeten deze aandoeningen vaak op korte termijn behandeld worden, omdat ze anders levensbedreigend kunnen zijn. De aandoeningen zijn hinderlijk en soms ook pijnlijk.

Hernia umbilicalis

Deze aandoening is ook bekend als een navelbreuk. Een kleine navelbreuk heelt meestal binnen een half jaar uit zichzelf. Bij een grote navelbreuk is opereren noodzakelijk.

Hyperkalemic Periodic Paralysis Disease (HYPP)

HYPP is een spierziekte die vooral voorkomt bij Quarter Horses, Appaloosas en Paints. Symptomen van HYPP zijn spiertrillingen, verlammingsverschijnselen en luide ademhalingsgeluiden. Soms kan een aanval leiden tot een plotselinge dood. HYPP is niet te genezen, maar er zijn mogelijkheden om, door de hoeveelheid kalium in het bloed te verlagen, de kans op een aanval te verminderen.

Laryngeal Hemiplegia (cornage)

Dit is een verlamming van de stemband, waardoor de luchtdoorgang vernauwd raakt. In 95 procent van de gevallen blijkt cornage een erfelijke achtergrond te hebben. Een paard hoeft zelf niet per se last te hebben van deze vernauwde toegang richting de longen. Kenmerkend voor cornage is een fluitend bijgeluid bij inademen.

Lethal White Disease (LWS)

Deze erfelijke afwijking wordt gezien bij de Paint, Pinto, Quarter Horse, miniatuurpaarden en Engelse volbloeden. Bij deze afwijking zijn de zenuwbanen van het laatste deel van de darmen niet goed ontwikkeld, waardoor de peristaltiek van het darmkanaal niet werkt. Het wordt met name gezien bij witte of bijna witte veulens. LWS is dodelijk en om een veulen lijden te besparen wordt vaak meteen voor euthanasie gekozen.

Microphthalmie en anophthalmie

Bij deze aandoeningen is de oogbol sterk verkleind (microphthalmie) of ontbreekt helemaal (anophtalmie). Voor een paard kunnen deze aandoeningen hinderlijk zijn, omdat het zicht veel beperkter is. In sommige gevallen is in het belang van het welzijn van het dier euthanasie de beste optie.

Osteochondrosis dissecans (OCD)

Hierbij sterven stukjes kraakbeen in een gewricht af en raken los. Dit irriteert het gewricht en kan pijn en zwelling van het gewricht veroorzaken. Het dier kan er oud mee worden en vaak kan een operatie uitkomst bieden. Soms is euthanasie noodzakelijk.

Patella luxatie (PL)

Bij deze aandoening schuift de knieschijf van zijn plaats. Als de knieschijf vaak verschuift, moet het paard hiervoor behandeld worden. Voor het dier is de aandoening hinderlijk maar het kan er wel mee oud worden. Soms is het dier echter ongeschikt voor gebruik. PL komt met name voor bij miniatuurpaarden en bij Shetland pony’s.

Podotrochleose

Bij deze aandoening is er sprake van een botstoornis in een bot, het sesambeentje, vlakbij de hoef. Daardoor ontstaat chronische kreupelheid. In de volksmond wordt deze aandoening ook wel “hoefkatrol” genoemd. Podotrochleose kan niet genezen worden, maar door een goede hoefverzorging en juiste training kan een paard vaak nog wel gebruikt worden. Soms is euthanasie noodzakelijk. De aandoening komt incidenteel voor bij enkele rassen, waaronder het Nederlandse warmbloedpaard.

PolySaccharide Storage Myopathy (PSSM)

Dit is groep spieraandoeningen waarbij suikermoleculen stapelen in de spiercellen, wat leidt tot spierproblemen. De aard van de symptomen kan behoorlijk uiteen lopen, zelfs bij één en hetzelfde paard. Klachten kunnen onder andere zijn: spierstijfheid, spierbevangenheid, veel zweten, niet willen lopen, het verlies van bespiering en spiertrillingen.

PSSM1 is aantoonbaar met een DNA test. PSSM2 is een verzamelnaam voor PSSM klachten die niet onder PSSM1 vallen. Voor PSSM2 is de diagnose lastiger. PSSM komt bij allerlei rassen voor, waaronder Quarter Horses, Paint Horses, KWPNers, Friezen, trekpaardrassen en meer.

Genezing van PSSM is niet mogelijk. Goed management van voeding en beweging is noodzakelijk om klachten te beperken en kwaliteit van leven te waarborgen.

Severe Combined Immunodeficiency (SCID)

SCID is een fatale ziekte die bij mens, muis, hond, het Arabisch paard en kruisingen met Arabische paarden voorkomt. Een SCID veulen kan zelf geen antistoffen aanmaken en dus werkt het immuunsysteem niet. SCID veulens zijn ten dode opgeschreven en worden maar een tot enkele maanden oud, meestal vindt euthanasie plaats.

Spat

Spat is een aandoening van het spronggewricht, waarbij als gevolg van een benige verdikking aan de sprong kreupelheid ontstaat. Het dier kan er oud mee worden, maar kan soms niet meer gebruikt worden.