Sluiten

Opvoeding van een puppy

Bij het opvoeden van een pup komt veel kijken. U moet uw hond bijvoorbeeld zindelijk maken, leren omgaan met kinderen en leren alleen thuis te blijven. Hier vindt u meer informatie over het opvoeden van uw pup.

De bench

Een bench is een heel goed hulpmiddel bij de opvoeding van uw pup. Wen de pup er dan ook snel aan. Geef hem zijn eten en kluifjes in de bench en leg hem er in als hij wil slapen, dan wordt het een fijne en veilige plek voor de hond. In het begin kunt u de pup ’s nachts in de bench in uw slaapkamer zetten. Hij weet namelijk nog niets van zijn territorium en is nu nog volledig afhankelijk van zijn nieuwe roedelgenoten: uw gezin. Bovendien merkt u het zo direct als hij ’s nachts aangeeft dat hij naar buiten moet. Later kunt u hem een vaste slaapplek geven waar u maar wilt.

Zindelijk maken

Eén van de eerste dingen die u de pup moet leren is zindelijkheid. Pups moeten in het begin nog heel regelmatig naar buiten, zeker om de twee uur. Ga in elk geval met hem naar buiten net na het slapen, het eten of drinken en na het spelen of andere situaties waarin hij opgewonden raakte. Let ook goed op het gedrag: heel vaak snuffelen puppy’s op de grond en draaien ze rondjes voordat ze iets gaan doen. Pak hem dan op en neem hem mee naar buiten. Kies hiervoor een paar vaste plekken en wissel die af, want sommige honden leren anders dat ze maar op één plek wat kunnen doen. Buiten wacht u net zolang tot uw pup wat gedaan heeft. Direct daarna beloont u hem uitbundig met uw stem of bijvoorbeeld iets lekkers. Zo leert hij dat hij op die plek zijn behoefte moet doen. Uiteraard neemt u ook poepzakje mee om de uitwerpselen op te ruimen.

Voorkom dat de pup de gelegenheid krijgt zijn behoeften in huis te doen. Dit betekent dat u hem in de gaten moet blijven houden. Bent u even met andere dingen bezig, dan kunt u hem in de bench zetten. Als hij deze als zijn eigen plek beschouwt, zal hij hem zo lang mogelijk schoon houden. Dit is ook handig voor ’s nachts! Bedenk wel dat de pup zijn behoeften nog niet heel lang kan ophouden. Hoe lang uw pup het kan ophouden is per dier verschillend en afhankelijk van hoeveel en wanneer hij heeft gegeten en gedronken en hoe actief hij is geweest.Geeft de pup ’s nachts aan dat hij iets moet doen, neem hem dan even mee naar buiten en zet hem daarna weer rustig terug. In het begin kan dit meerdere malen per nacht voorkomen.

Als puppy’s het buiten leuker gaan vinden, gaan ze vaak zo op in het onderzoeken van alles wat er buiten te zien en te doen is, dat ze vergeten hun behoefte te doen. Na de wandeling vinden ze dan eindelijk de rust om te voelen dat hun blaas vol zit. Helaas is dat dan vaak binnen. Het is daarom handig om nu een verschil te gaan maken tussen de zogenaamde behoefte-uitjes naar één van de vaste plekken, waarbij u weer naar binnen gaat als de hond zijn behoefte gedaan heeft, en de zogenaamde wandeluitjes waarbij de hond de gelegenheid krijgt te wandelen en rond te snuffelen.

Snapt de pup dat hij buiten zijn behoeften moet doen, dan gaat u het belonen met een brokje weer afbouwen. Af en toe geeft u een brokje, de andere keren beloont u alleen met uw stem. Uiteindelijk zijn de brokjes dan niet meer nodig.

Naar buiten

Veel pups vinden het in eerste instantie een beetje eng buiten. Dit is heel normaal. Til de pup dan gewoon op en ga ermee door de wijk lopen. Zo kan hij alvast een beetje wennen aan het verkeer, aan andere mensen, aan honden die langslopen en eigenlijk aan alles waarmee hij later dagelijks geconfronteerd zal worden. Laat hem langzaam steeds wat verder zelf lopen.

Laat jonge kinderen niet alleen met uw puppy op pad gaan. Misschien kan uw kind de pup wel aan, veel moeilijker wordt het in situaties met andere honden. Deze verantwoordelijkheid kunt u niet aan uw kinderen overdragen.

Aanraken en aaien

Uw pup slaapt in het begin nog heel veel. Als u hem aait terwijl hij rustig bij u of in zijn mandje in slaap valt, went hij aan uw aanraking overal op zijn lijf. Dit is een goede oefening zodat u later elk lichaamsdeel zonder problemen kunt aanraken en controleren. Als de pup eenmaal slaapt, laat hem dan met rust zodat hij niet schrikt van een plotselinge aanraking.

Gekke halfuurtje

Veel puppy’s hebben af en toe hun “gekke halfuurtje”. Ze rennen door het huis, rennen rondjes om de tafel, springen even tegen u op om er dan weer direct vandoor te gaan. Ze pakken hun speeltje, gooien het in de lucht en sprinten ervoor weg om er dan even later bovenop te duiken. Dit gedrag is heel belangrijk voor uw pup. Spelenderwijs maakt hij zich allerlei handelingen eigen die hem als volwassen hond van pas zouden kunnen komen. Ga er gewoon voor zitten en geniet ervan, hij heeft het even nodig en u heeft een halfuurtje topentertainment.

Alleen leren blijven

Omdat een hond nu eenmaal wel eens alleen thuis moet blijven, is het verstandig om hem dit als pup al te leren zodra hij een beetje gewend is bij u in huis. Bouw dit langzaam op. Geef hem een lekkere kluif, waar hij wat langer mee bezig is, ga even weg en kom al na een paar seconden terugkom. U mag hem gerust belonen met uw stem als hij stil is geweest. Herhaal dit regelmatig en kom steeds een paar seconden later terug. Zo leert hij er op vertrouwen dat u snel weer terugkomt, voordat hij zich zorgen kan gaan maken. In een paar dagen kunt u dit al heel snel opbouwen naar een wat langere tijd. Ga nooit ineens veel langer weg dan de pup gewend is, want dan kan hij leren dat uw vertrek voor hem wel eens vervelend kan zijn en is zijn vertrouwen weg. In de Praktische informatie over ‘Alleen thuis blijven’ leest u hier meer over.

Los lopen

Veel mensen vinden het eng om hun pup los te laten lopen en ook voor de pup is het een hele stap. Toch is het belangrijk om hem hier bijtijds aan te wennen en hem ook te leren dat hij weer naar u toe komt. Ga daarom regelmatig naar veilige plekken om uw pup los te laten. Zoek ook een tijdstip uit waarop het niet zo druk is. Als de pup eenmaal los is, laat hem dan even zijn gang gaan. Loop rustig met hem mee en af en toe eventjes naar hem toe. Geef hem dan iets lekkers en laat hem verder met rust. Als u dit een aantal keer hebt gedaan, gaat hij eraan wennen dat u naar hem toe komt. Hij gaat misschien zelfs opkijken. Als u daar gebruik van maakt en hem dan roept, leert u hem ook nog eens naar u toe te komen. Door op uw hurken te gaan zitten terwijl u hem roept, bent u uitnodigender voor uw pup. Komt hij naar u toe, beloon hem dan met uw stem, een knuffel of een brokje en laat hem weer gaan. Hij leert dan ook dat het de moeite loont om te komen als u roept en dat het niet betekent dat hij meteen weer aan de lijn moet.

Het voorkomen van voerbakagressie

Soms hebben puppy’s de neiging om hun voerbak heel snel leeg te eten zodra er iemand in de buurt komt. Dit kan zelfs gaan resulteren in voerbakagressie. Dat is te voorkomen door het volgende te doen. Neem kleine stukjes van iets heel lekkers in uw handen dat ook echt lekker ruikt, bijvoorbeeld stukjes hondenworst. Houd nu uw hand naast zijn voerbak. Als hij naar uw hand toe komt, geeft u hem het lekkers, u staat op en loopt weg. Hij leert zo dat iemand in de buurt van zijn voerbak betekent dat hij er iets lekkers bíj krijgt, in plaats van dat iemand zijn voer wil afpakken.

Trappen lopen

Als u wilt dat uw hond leert om trappen te lopen, begin daar dan al vroeg mee. Niet omdat het goed is om op deze leeftijd al trappen te lopen, maar wel om het hem te leren. Vaak worden honden op een bepaald moment te zwaar om te tillen. Het is dan goed als hij het trappen lopen beheerst en het op de juiste manier leert. Blessures door traplopen komen meestal door te snel en te vaak trappen af- en op rennen. Als een hond rustig en beheerst trappen loopt, is dat voor een gezonde hond geen probleem zo lang dat niet te vaak gebeurt.

Laat pups onder drie maanden nog geen trappen lopen. Daarna kunt u dit langzaam oefenen. Let er op dat de treden van de trap niet te hoog mogen zijn voor de pup, hij moet daadwerkelijk kunnen lopen en niet hoeven springen of zich op moeten hijsen. In het begin zijn lage treden dus beter. Voor een pup van een kleiner ras moet u soms even zoeken naar een geschikte oefenplek. Eventueel kunt u oefenen bij een stoeprand als u geen trap met lage treden kunt vinden. Pups van hele kleine rassen waarvoor het ook op volwassen leeftijd moeilijk zal zijn de treden van een trap te nemen kunt u beter blijven optillen.

Begin met het naar boven lopen. Zet de pup voor de trap en lok hem omhoog. Laat hem rustig één voor één zijn poten neerzetten en geef hem de tijd. Leer hem om niet te rennen op de trap. Laat de pup maar een paar treden lopen, een trap met maar enkele treden is het handigste. Naar beneden lopen is voor veel honden lastiger. Laat de pup ook hier maar enkele treden lopen (begin eventueel bijna onderaan de trap) en zorg ervoor dat hij niet gaat rennen of springen.

Laat de pup buiten het oefenen om nog geen trappen lopen, dat zou zijn gewrichten te veel belasten. Doel van de oefening is dat hij leert hoe hij dit moet aanpakken zodat hij het op volwassen leeftijd zelf op een beheerste manier kan.

Hond en kinderen

Het is belangrijk dat elke hond goed om leert gaan met kinderen. Op die manier wordt voorkomen dat hij van kinderen schrikt en misschien agressie gaat vertonen. Wen de pup ook aan het omgaan met kinderen als u zelf geen kinderen heeft, bijvoorbeeld op het schoolplein of met kinderen uit de buurt. Laat hen de pup rustig één voor één aaien of een brokje geven. Wandel ook in de buurt van kinderspeelplaatsen zodat hij went aan rennen en gillen. Leidt hem dan een beetje af zodat hij leert dat hij zich hier niks van aan hoeft te trekken en er niet achteraan hoeft te rennen.

Andersom moeten kinderen leren veilig om te gaan met honden. Laat kinderen nooit alleen met de hond. Ook al is hij nog zo kindvriendelijk, het blijft een hond, en uw kind blijft een kind. Een goedbedoelde omhelzing van het kind kan de hond laten schrikken, een onverwachte reactie van de hond kan het kind in verwarring brengen. Voorkom ongelukken en blijf er altijd bij. Op onze speciale website www.minderhondenbeten.nl leest u van alles over het voorkomen van agressie en een veilige omgang tussen hond en kind.

Even stilstaan

Sta met iedereen uit het hele gezin regelmatig even stil bij wat er allemaal in de afgelopen periode is gebeurd. Bedenk wat u vooraf voor ogen had en hoe dit tot nu toe is uitgepakt. Bent u helemaal tevreden, zijn er dingetjes die u toch graag anders had gezien en wat is daar dan nu nog aan te doen? Overleg dit eventueel met uw cursusinstructeur. Denk hierbij aan hoe hij luistert als u hem roept, hoe hij wandelt aan de lijn, hoe hij omgaat met visite, of hij alleen kan blijven, of u bij zijn etensbak kunt komen, hoe hij omgaat met de kinderen, hoe hij omgaat met andere honden en dergelijke. Het is absoluut de moeite waard om daar nu bij stil te staan; nu is er nog van alles aan te doen.